Euro-Children Geschiedenis

 

.

hoofdstuk 2: Oostenrijk

.

2.1. Eerste samenwerking met Hans Loidl

.

De toenmalige verantwoordelijke voor de sociale diensten van Caritas in Linz, Hans Loidl, vernam op een internationaal treffen van zijn Duitse collega's dat ze veel hulp kregen van Jeugd zonder Land voor de kinderen uit de vluchtelingenkampen.

Omdat ook in bijna gans de regio tussen Linz en Wenen vluchtelingenkampen waren, was zijn interesse voor samenwerking met België zeer groot.

.
Hans Loidl was steeds - en is ook op dit ogenblik nog altijd - een persoonlijke vriend geweest en gebleven van Father Robert (ze zijn ongeveer van hetzelfde geboortejaar). Enerzijds had hij een geweldig groot organisatorisch talent, maar daarnaast was hij van karakter zacht en minzaam voor iedereen. Hij had trouwens een zeer grote ervaring opgedaan na de tweede wereldoorlog, toen duizenden Oostenrijkse kinderen een half jaar te gast waren in meerdere Europese landen. Kort na de oorlog was er in Oostenrijk voor vele kinderen een groot gebrek aan voldoende voedsel, en de opvang in het buitenland was niet zozeer een sociaal probleem zoals voor de kinderen uit vluchteligenkampen, maar een gezondheidsprobleem. Ook België heeft toen heel wat Oostenrijkse kinderen opgenomen.

Hij hield er van te vertellen over die grote kinderacties, en met onze landgenoten kwam steeds het verhaal over de reis van de Linzerkinderen in Spanje, een reis die toen drie dagen duurde met verouderd spoorwegmateriaal. Bij één van de halteplaatsen werden de kinderen verzorgd door een sympathieke groep Spaanse dames, waaronder onze latere koningin Fabiola.

.

2.2. Een groot interesse van Prelaat Pfeiffer.

.

De directeur van de diocesane Caritas te Linz was Prelaat Hermann Pfeiffer. In die periode was hij ook president van de Oostenrijkse Caritas. Daardoor had hij ook veel contacten met de Caritasdiensten van het aartsbisdom Wenen.

Vergeten we niet dat Oostenrijk pas in 1955 volledig bevrijd werd van de Russische bezetting. In Wenen waren ook de eerste jaren na de bevrijding heel wat linkse en antireligieuze politieke groepen actief, vooral in de hoofdstad zelf. Voor de katholieke kerk was het belangrijk dat bij de uitbouw van de nieuwe sociale wetgeving ook de privé-initiatieven zoals deze van Caritas verder zouden kunnen werken.

Maar Hermann Pfeiffer was van karakter geen vechter, hij was buitengewoon minzaam en kon in zijn Ober-Österreich alle problemen oplossen door persoonlijke contacten. Hij kwam zelf uit een klein stadje, Rohrbach, en voelde zich vooral thuis in de nabijheid van vrienden. Harde vergaderingen met politiekers lagen hem niet, en zo vroeg hij ontslagen te worden van de functie van President van de Oostenrijkse Caritas.

.

Leopold Ungar zou Pfeiffer opvolgen, zijn karakter was meer geschikt voor de taak van Caritaspresident, en hij heeft die taak ook op een voortreffelijke wijze vervuld. In het eigen bisdom Wenen is Caritas uitgegroeid tot een dienstencentrum dat door eenieder wordt gewaardeerd. Hij is ook de werking van Jeugd zonder Land blijven steunen, met het gevolg dat enkele decennia later Caritas-Wenen de opvang zou verzekeren van kinderen uit Noord-Ierland, die deeluitmaakten van de projecten van Euro-Children.

Door de contacten tussen de sociale diensten van Caritas Linz en Wenen, zouden er gedurende vele jaren ook grote groepen vluchtelingenkinderen komen uit de Bundesländer Nieder-Österreich, Burgenland  en Wenen zelf.

.

2.3. De grote kindertransporten uit Oostenrijk

.

Zoals we wel enkele bijkomende probleempjes hadden bij het begin van de treinreizen voor de Duitse kinderen, zouden we die natuurlijk ook ontmoeten in Oostenrijk.. In 1961 waren er 1807 kinderen, meer dan het dubbele van onze trein uit Stuttgart in 1960. Maar in Linz zorgde onze vriend Hans Loidl er voor dat alles perfect in orde was, en dat onze groep vrijwilligers - die intussen ook aangegroeid was - zelf kon genieten van een daguitstap naar een mooie omgeving.

.

Dank zij de jarenlange  ervaring met kindertransporten, heeft Hans Loidl ons zo grote problemen bespaard aan de Duitse grens. In die tijd moesten alle kinderen nog een paspoort hebben met visum, en er was overeengekomen dat de medewerkster van Caritas-Wenen verantwoordelijk was voor al de kinderen die in Wenen op de trein stapten. Er bestond een vertrouwensklimaat tussen de Duitse grenspolitie  en Caritas: al de paspoorten, voorzien van een visum, mochten alfabetisch in dozen getoond worden, samen met de alfabetische lijsten. Slechts uitzonderlijk werden een paar steekproeven gedaan, en alles was in orde.

Bij één van de transporten vroeg Loidl aan de Weense begeleidster haar paspoorten en lijsten af te geven. Na een paar minuten had hij reeds ontdekt dat ongeveer 20 paspoorten ontbraken. Met een goed hart maar te weinig verantwoordelijkheidszin had de begeleidster de kinderen op de trein toegelaten, hoewel ze wist dat de paspoorten te laat waren aangevraagd  en ontbraken. Een half uur later werd ze door Hans Loidl met haar 20 kinderen op de reis naar Wenen gezet.. Maar een week later stond hij in Linz klaar om de groep, met paspoorten en visa, op de trein te helpen naar België.

.

een speciale gebeurtenis

nummer 10 000

Sinds het begin van de werking, werden alle kinderen die deelnamen aan een van de projecten in het kantoor van Euro-Children geregistreerd met een volgnummer.

Het was dan ook een heel speciale gebeurtenis, dat tijdens één van de reizen  uit Linz, een meisje toevallig het tienduizendste kind was.

Terwijl ze heel fier "haar nummer 10 000" toont, was ze natuurlijk nog gelukkiger met het geschenkje dat ze van Jeugd zonder Land ontving.

.

Tot in 1995 zouden er nog kinderen uit Oostenrijk naar ons land komen. Waar woonden al die gezinnen, die uit de Oostbloklanden waren gevlucht of verdreven? Hoe zag de omgeving er uit ? Hier volgt een kleine foto-montage.

.

Freistadt

Simmering

Kagran (Wenen)

Burgenland

Wegscheid

Home Menu

.

H02 updated 19.09.2010 pict